Ruimte voor boosheid

In een sessie haptotherapie vertelt een cliënt dat ze zich ergert aan het dominante gedrag van haar leidinggevende. Ze heeft niet het gevoel op haar terug te kunnen vallen. Dat is vervelend, vooral nu er een probleem is met een opdrachtgever. Ze probeert erboven te staan. Terwijl ze vertelt, schiet er af en toe een felle blik de ruimte in. Haar lichaam zit roerloos. ‘Wat gebeurt er met je gevoel van irritatie als je erboven probeert te staan?’, vraag ik. ‘Niets’, zegt ze, ‘ik doe er niets mee’.

Irritatie (en overtreffende trap) boosheid zijn voor veel mensen goede bekenden maar ook ongenode gasten. Ze zijn er, maar ze mogen er niet zijn. Vaak uit angst voor afwijzing houden we ze bewust of onbewust voor ons. Bij een deel van de mensheid tot de bom barst. Zowel inhouden als uitbarsten heeft z’n weerslag op lichaam en geest: de hartslag gaat omhoog, de spierspanning stijgt, we worden impulsiever, meer prikkelbaar en alerter. Exploderen is in eerste instantie gezonder voor het lichaam dan binnenhouden. De spanning vindt immers z’n weg naar buiten. Schadevrij is het niet. De ontvanger van de boodschap lijdt eronder. Dat werkt op beiden door.

De manier waarop we omgaan met boosheid is een lang ingesleten patroon. Ombuigen vereist moed. Wie ernaar verlangt om er anders mee om te gaan kan dat wel – voetje voor voetje – bij zichzelf gaan verkennen. Het gaat erom je boosheid niet weg te stoppen of te ventileren, maar om erbij stil te staan, het te voelen in je lijf. De Hongaars-Canadese arts en traumadeskundige Gabor Maté heeft het over het fysiologisch ervaren.

Aan mijn cliënt vraag ik of ze het gevoel van irritatie ergens in haar lichaam kan opmerken. Ze is even stil en zegt dan: “Door m’n armen lopen rode draadjes. Mijn handen willen grijpen. Mijn kaken klemmen zich op elkaar.” Dan vraag ik haar om haar aandacht te richten op de sensaties in haar armen. Kan ze die blijven voelen? Ze zit nog steeds stil maar lijkt nu geconcentreerd. Na een paar minuten vertelt ze dat het gevoel in haar armen verandert. Haar armen worden zwaar. Ze vertelt dat ze ontspant in haar schouders, armen en kaken. Haar blik is zachter geworden.

Fysiologisch ervaren kan niet het enige zijn, legt Gabor Maté in zijn boek ‘Als het lichaam nee zegt’ uit. Boosheid heeft grote waarde. Het kan een gevolg zijn van het gevoel dat je grenzen zijn overschreden. Of het is een reactie op (een dreiging van) verlies. Het kan zijn dat je je niet gehoord voelt. Belangrijke informatie dus. Begrip over de oorsprong van je boosheid brengt het in perspectief. Het kan helpen om meer compassie te hebben met jezelf. Voor mensen die gebukt gaan onder schuldgevoel vanwege hun explosiviteit is dat een groot goed.

Er is nog een stap. Nadat je hebt gevoeld en nagedacht, kun je bepalen of je verder iets met je gevoelens van boosheid wilt doen. In het geval van mijn cliënt of voelen en overdenken genoeg was of dat ze met haar leidinggevende in gesprek wil. Vermoedelijk zal ze het gesprek op een andere manier aangaan dan wanneer ze praat vanuit gevoelens van irritatie. Om nog een keer met Gabor Maté te spreken: we staan veel meer in onze kracht als we niemand kwetsen, onze boosheid ervaren en nadenken over de oorzaak ervan.

Mijn cliënt heeft toestemming gegeven om te schrijven over haar ervaringen in de sessie.